Dyslexie: bestond het vroeger ook?

Uit onderzoek komt naar voren dat bij 30 procent van de scholen in het basisonderwijs 10 tot 19 procent van de leerlingen de eindtoets deed met een dyslexieverklaring. Bij zo’n 8 procent van de basisscholen was dat percentage zelfs nog hoger. Dat is veel.

Was het begrip dyslexie vroeger ook zo’n wijdverbreid verschijnsel? Met deze blog maak ik een vergelijking tussen nu en vroeger.

Vroeger 

Vroeger hadden we een heel overzichtelijke samenleving. Iedereen had een eigen rol en wist wat er van hem of haar werd verwacht.

Er waren vechters, jagers, wijze mannen en vrouwen, vertellers, koks, kleermakers…

Iedereen deed waar hij of zij goed in was. Iedereen was nodig.

Nu 

Laten we de vroegere samenleving eens vertalen naar de dag van vandaag.

Ik schrijf even op wat er in mijn hoofd opkomt.

  1. De vechters = ADHD’er
    Zij zijn immers druk en altijd in beweging.
  2. Wijze mannen en vrouwen = ADD
    Je ziet hen niet “iets” doen. Hun “werk” zie je immers niet, zij hebben een brein dat interessant is.
  3. Vertellers = dyslectici
    Zij houden meer van verhalen vertellen dan deze op te schrijven.
  4. Koks en kleermakers = de VMBO’ers onder ons (met wellicht ook de bovenstaande labels)
    Handige mensen die graag met hun handen werken en dingen maken.

Het interessante aan deze vergelijking is de manier waarop je naar iets kijkt. Zie je een tekort of zie je een kwaliteit?